switch Switch Een switch een IP adres geven SW1(config)# interface vlan 1 SW1(config-if)# ip address 172.16.1.11 255.255.255.0 (of dhcp) SW1(config-if)# no shutdown VLAN 1 als VLAN 1 het beheer VLAN is. Een switch een default gateway geven SW1(config)# ip default-gateway 172.16.1.1   VLAN’s SW1# show vlan brief Laat VLAN’s en access poorten zien. SW1# show interfaces trunk Laat de poorten zien die geconfigureerd zijn als trunk, het native VLAN en welke VLAN’s zijn toegestaan. SW1# show interfaces status Laat alle poorten zien met status, VLAN membership/trunk, duplex, …. SW1(config)# vlan 10 SW1(config-vlan)# name Directie SW1(config-vlan)# exit SW1(config)# vlan 20 SW1(config-vlan)# name Inkoop SW1(config-vlan)# exit SW1(config)# interface vlan 10 SW1(config-if)# ip address 192.168.10.1 255.255.255.0 SW1(config-if)# no shutdown SW1(config-if)# exit SW1(config)# interface vlan 20 SW1(config-if)# ip address 192.168.20.1 255.255.255.0 SW1(config-if)# no shutdown SW1(config-if)# exit Maak een VLAN aan en geef die een naam.           VLAN interfaces een IP adres geven. SW1(config)# interface gigabitEthernet 0/1 SW1(config-if)# switchport mode access SW1(config-if)# switchport access vlan 10 SW1(config-if)# switchport nonegotiate Maak een enkel interface lid van een VLAN.   Optioneel: Schakelt DTP uit. SW1(config)# interface range fastEthernet 0/13-24 SW1(config-if)# switchport mode access SW1(config-if-range)# switchport access vlan 20 SW1(config-if-range)# switchport nonegotiate Maak meerdere interfaces tegelijk lid van een VLAN. Optioneel: Schakelt DTP uit. SW1(config)# interface FastEthernet 0/24 SW1(config-if)# switchport mode trunk SW1(config-if)# switchport nonegotiate SW1(config-if)# switchport trunk native vlan 20 SW1(config-if)#switchport trunk allowed vlan 10,20,30 Maak een switchpoort een trunk (tegenhanger van een access poort). Optioneel: Schakelt DTP uit. Optioneel: VLAN 20 als native VLAN Optioneel: Sta VLAN 10, 20 en 30 toe om over de trunk te communiceren. SW1(config)# interface FastEthernet 0/24 SW1(config-if)# switchport mode access SW1(config-if)# switchport access vlan 1 Maak een switchpoort van een trunk poort weer een access poort. STP (Spanning Tree Protocol SW1# show spanning-tree Laat de status van het STP protocol zien, inclusief de poorttoewijziging (designated, backup, alternate, root) SW1# show interfaces | begin Vlan1 Vraag het MAC adres op van VLAN 1. Hoofdlettergevoelig! SW1(config)# spanning-tree vlan 1 priority 4096 Standaard priority 32768 (+ VLAN ID) 0, 4096, 8192, 12288, 16384, ………) Laagste priority wordt root. SW1(config)# spanning-tree vlan 1-1005 priority Priorty instellen voor meerdere VLAN’s. Etherchannel SW1(config)# interface range gigabitEthernet 0/1-2 SW1(config-if-range)# channel-group 1 mode active Maak de switchpoorten Gig 0/1 en 0/2 lid van channel-group 1 op basis van LACP. SW1# show etherchannel summary Laat de status zien van alle geconfigureerde etherchannels met lidmaatschap poorten.